dr. A.C Kooijman
Kliniek voor Oogheelkunde, Rijksuniversiteit Groningen,
Postbus 30001, 9700 RB Groningen. |
Om de lichtverdeling over het netvlies van het menselijk oog te bepalen bij het gebruik van een lichtbron die het hele gezichtsveld vult, zijn berekeningen aan een theoretisch oogmodel uitgevoerd en zijn er metingen aan ogen van mesen en konijnen gedaan.
Het blijkt dat bij de mens de verlichtingssterkte van het netvlies minder dan 50 afneemt van het centrum naar een excentriciteit van 80 graden. Deze relatieve afname is onafhankelijk van de pupilgrootte. Deze geringe lichtafval kan alleen gerealiseerd worden als lichtstralen, vanuit aile richtingen ongehinderd door de gehele opening van het hoornvlies in het oog kunnen binnnenvallen
De resultaten zijn gebruikt bij het ontwerp van een contactlens met een ingebouwde lichtsimilator ten behoeve van een klinische onderzoekmethode, de electroretinografie. hoornvlies regenboogvlies (iris ).
|